overzicht

Einde van een tijdperk: het Zorgprestatiemodel vervangt de DBC

Willem Gotink

Gepubliceerd: 28-09-2020

 

Nieuwe vergoedingenstelsel geeft minder administratie, is transparanter en moet beter differentiëren.

Alles wijst er op dat de Diagnose-Behandel-Combinatie (DBC) per 1 januari 2022 verleden tijd is voor de ggz en de forensische zorg. De vergoedingssystematiek, die twaalf jaar geleden werd ingevoerd, is al langere tijd onderhevig aan kritiek: de DBC heeft te weinig aansluiting bij de daadwerkelijk zorg, vraagt te veel administratie, wordt achteraf uitbetaald (soms pas na een jaar) met alle gevolgen van dien, kent de nodige perverse prikkels en is voor de gemiddelde patiënt niet te volgen. Tijd voor iets anders, maar wat?

Al sinds 2015 werken de Nederlandse Zorgautoriteit en de betrokken brancheverenigingen aan een alternatief. In eerste instantie kwam wat het ‘Engelse model’ is gaan heten in beeld. Na de aanpassing voor Nederland werd dat het Zorgclustermodel, dat in 2020 ingevoerd moest gaan worden. Blijkbaar was de materie weerbarstig, want ook het Zorgclustermodel haalde het niet. Uiteindelijk zal vanaf 1 januari 2022 een nieuw model voor bekostiging van de ggz ingevoerd gaan worden, onder de titel: het ‘Zorgprestatiemodel’.

“De kans dat het nog een keer uitgesteld wordt, is ontzettend klein. In de Rijksbegroting voor 2021 is er al rekening mee gehouden”, zegt Jaap van der Rijst, beleidscoördinator ggz bij Zorgverzekeraars Nederland en in die functie namens de zorgverzekeraars nauw betrokken bij het Zorgprestatiemodel. “Tenzij onverwacht de Tweede Kamer tegen stemt, of we te maken krijgen met onvoorziene gebeurtenissen waardoor we niet op tijd klaar zijn. Het is voor zorgaanbieders echt wel tijd om zich in de materie te gaan verdiepen, want over vijftien maanden moet iedereen er klaar voor zijn.”

Voorwaarden voor een nieuw systeem

De kritiek op de DBC vertaalt zich in de eisen die Staatssecretaris Blokhuis stelde aan een nieuw bekostigingsstelsel. De Staatssecretaris wilde dan ook pas zijn groene licht geven aan het nieuwe stelsel als aan die eisen voldaan werd. Dat was een behoorlijke lijst. Onder andere moesten de administratieve lasten beduidend minder worden; de declaraties moesten inzichtelijk zijn voor de patiënt (daarmee moet ook fraude moeilijker worden gemaakt); de verschillende sectoren binnen de ggz moesten in één stelsel te ‘vangen’ zijn; de prijzen moesten aansluiten bij de geleverde zorg; er moest ruimte blijven voor innovatie; er moest (veel) eerder uitbetaald gaan worden en niet pas na afsluiting van de behandeling.
De NZa, de brancheverenigingen van de aanbieders in de ggz, patiëntenvereniging MIND, de Dienst Justitiële Inrichting en Zorgverzekeraars Nederland zijn er nu van overtuigd dat aan die eisen is voldaan en Staatssecretaris Blokhuis heeft dan ook toestemming gegeven om het nieuwe stelsel zijn definitieve vorm te geven en het over ruim een jaar in te gaan voeren.

Het Zorgprestatiemodel in vogelvlucht

In zijn simpelste vorm worden er in het Zorgprestatiemodel alleen nog consulten, verblijf en enkele ‘overige prestaties’ gedeclareerd (onder die laatste categorie vallen bijzondere inspanningen als extra kosten voor TBS, ECT-behandeling en ambulante methadonverstrekking). Wat mensen die al langer meelopen zullen herkennen uit de tijd van vóór de DBC, is dat indirecte tijd al verrekend is in de consultprijs en dus niet meer apart gedeclareerd hoeft te worden. De NZa hoopt daarmee de administratie te verminderen en het directe patiëntcontact te stimuleren.
Maar zo simpel blijft het uiteraard niet. Ter wille van een passend tarief moeten de verrichtingen meer gespecificeerd worden. Zo speelt de duur van het consult een belangrijke rol, grotendeels in ‘vanaf’ tijdseenheden van een kwartier. Ook het beroep van de hulpverlener is van belang. Op dit moment zijn er zeven beroepsgroepen (zie onderaan) die gedeclareerd kunnen worden, plus een categorie ‘overige’. Die laatste categorie wordt nog uitgewerkt, er staan twintig beroepen op de nominatie. Van der Rijst: “Het aantal declarabele beroepscategorieën wordt uitgebreid, we hopen dat het stelsel daarmee transparanter wordt. Sommige beroepen, zoals de ervaringsdeskundige, worden nu verdisconteerd in de overhead. In het nieuwe stelsel kunnen die uren gewoon worden gedeclareerd.”

Verblijf in de instelling werkt in de huidige praktijk al goed en past ook in de structuur van het Zorgprestatiemodel, volgens de NZa. Aan de registratie van verblijfsdagen zal dan ook niet veel veranderen. Ze blijven onderverdeeld naar verzorgingsgraad, in de categorieën A tot en met H. Daarnaast wordt nog steeds rekening gehouden met het beveiligingsniveau. Dat kan variëren van geen beveiliging tot beveiligingsniveau 4.

In de nieuwe bekostiging wordt de zorg in de ggz en forensische zorg van een tarief voorzien dat past bij de manier waarop de zorg wordt geleverd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar ‘setting’: in grote lijnen de plaats waar de zorg geleverd wordt en waar een bepaalde combinatie van infrastructuur, disciplines en/of methodieken voorhanden is. Settings zijn bijvoorbeeld outreachend, hoog-specialistisch en ‘gewoon’ ambulant. Ook deze differentiatie moet er aan bijdragen dat iedere zorgaanbieder een reëel tarief kan declareren voor de zorg.

Organisatie van de ggz verandert in principe niet

Het grote voordeel van het zorgprestatiemodel moet het verminderen van de administratie worden. Van der Rijst somt op: “We hebben nu een systeem voor de basis-ggz, voor de specialistische ggz, voor de langdurige ggz vóór de Wlz start én voor de Forensische zorg. Dat gaat allemaal onder één declaratiesysteem vallen. En misschien óók nog ggz-behandeling tijdens de Wlz. Tel daarbij op dat de registratie zelf ook eenvoudiger wordt. Dat moet ontzettend veel tijd schelen.”
Reorganisatie van de ggz en bezuinigingen zijn nadrukkelijk niet het doel van de operatie. “Het onderscheid tussen de basis-ggz en de specialistische ggz blijft gewoon bestaan voor lichte en zware problematiek, ze kennen straks alleen hetzelfde registratiesysteem. De DSM-diagnose blijft ook op de nota staan”, zegt Van der Rijst.

De nieuwe bekostiging moest van de Staatssecretaris budgetneutraal zijn ten opzichte van de DBC. Er wordt dus niet bezuinigd. Wel zal er meer gedifferentieerd worden in de vergoeding van de zorgvraag: ingewikkelde en langdurige behandelingen krijgen hogere NZa-tarieven en eenvoudige kortdurende behandelingen lagere. Er vindt dus een verschuiving plaats van gelden.”

Weerstand en kritiek

De ggz-sector wil nog wel eens op de barricade staan als er veranderingen zijn. Innovaties in de regelgeving en organisatie worden doorgaans niet enthousiast ontvangen. Zijn er al reacties uit het veld?
Van der Rijst: “We hebben hier vijf jaar aan gewerkt. Dat heeft onder andere zo lang geduurd vanwege alle verschillende deelbelangen die spelen in de ggz. Uiteindelijk heeft de NZa positief geadviseerd en heeft Staatsecretaris Blokhuis dat advies overgenomen. Alle brancheverenigingen staan met hun logo op de voorkant van het advies, ze hebben er allemaal mee ingestemd. Volgens mij hebben we daarmee het grootst mogelijke draagvlak voor het nieuwe systeem gecreëerd.”

Op de vraag naar de verdeling van de invloed van de diverse brancheverenigingen moet Van der Rijst het antwoord schuldig blijven. Zo lijkt bij een oppervlakkige blik op de leden van de werkgroepen de NVvP veel méér vertegenwoordigd te zijn dan, bijvoorbeeld, de V&VN. Van der Rijst: “Er was een onafhankelijke programmaleider, die namens alle partijen handelde. Wellicht is er achter de schermen veel overlegd. In principe stond de deur even ver open voor alle belanghebbende belangenverenigingen. Of dat proces naar ieders tevredenheid verlopen is, is een vraag aan de brancheverenigingen van de aanbieders.”

Voorbereiden

Van der Rijst wijst nog op de urgentie die langzamerhand begint te ontstaan voor alle aanbieders van ggz-zorg om zich in de materie te gaan verdiepen. “Vijftien maanden zijn zó om. Op 31 december 2021 sluiten we alle DBC’s af en 1 januari starten we met het Zorgprestatiemodel. Het is belangrijk dat iedereen er klaar voor is. Voor patiënten verandert er overigens niets, zorgaanbieders moeten beginnen met zich voor te bereiden.”

Voor meer informatie: kijk op www.zorgprestatiemodel.nl

 

*) De zeven beroepscategorieën die nu declarabel zijn: arts -specialist (Wet Big artikel 14); klinisch (neuro)psycholoog (Wet Big artikel 14); verpleegkundig specialist geestelijke gezondheidszorg (Wet Big artikel 14); arts (Wet Big artikel 3); gezondheidszorgpsycholoog (Wet Big artikel 3); psychotherapeut (Wet Big artikel 3); verpleegkundige (Wet Big artikel 3).
Nog twintig beroepen staan op de nominatie om declarabel te worden, daarover wordt binnenkort besloten.

Overig nieuws


29-05-2026 - Rokende studenten hebben vaker mentale problemen
28-05-2026 - Meeste ggz-organisaties voldoen niet aan wettelijke plicht databeveiliging
27-05-2026 - Partijen positief over werkwijze uitstroom uit ggz in Noord-Holland
27-05-2026 - NIP: Tekort opleidingsplaatsen zet zorg onder druk
26-05-2026 - De Nederlandse ggz wil meer woonplekken voor mensen met psychische klachten
22-05-2026 - Onderzoek naar rol van ggz-agogen en verpleegkundigen in gebiedsteams
21-05-2026 - Veel mentale klachten op de werkvloer
20-05-2026 - Campagne moet mythen over psychose ontkrachten
19-05-2026 - MIND: data in de ggz moeten extra worden beveiligd
18-05-2026 - Hakken
18-05-2026 - Van vastlopen door autisme naar een passende baan
18-05-2026 - Lekker depressief zijn
18-05-2026 - Het veranderende vrouwenbrein
18-05-2026 - Heus
18-05-2026 - Mijn broeders hoeder, naar een gezelschappelijke psychiatrie
18-05-2026 - Alles wat we (willen) weten over verouderen met autisme
18-05-2026 - Liefdeswonden, los komen en jezelf hervinden na een toxische relatie
18-05-2026 - De bibliotheek
15-05-2026 - Beleidstoets mentale gezondheid voor lokale samenwerking en beleid
15-05-2026 - Intensieve vierde onderhandeling voor cao ggz
15-05-2026 - Onderzoek Breaking barriers naar autisme op school en werk van start
13-05-2026 - ‘De dag dat...’ over depressie, PTSS en online shaming
11-05-2026 - Mentale toestand tieners bepalend voor hun volwassen leven
08-05-2026 - Handreiking rol psycholoog in multidisciplinaire teams
07-05-2026 - Technologie helpt autistische kinderen bij contact
06-05-2026 - Kinderen halen weinig steun uit ouders of vrienden na huiselijk geweld
05-05-2026 - Kans op angststoornissen door overactief immuunsysteem
04-05-2026 - Met z’n allen!
04-05-2026 - Hulpverlening of probleemverlening?
04-05-2026 - Wanneer helpt een klinische opname bij een depressie echt
04-05-2026 - Spiegel zonder gezicht

Laatste nieuws

Tagcloud


  • autisme
  • bibliotheek
  • congres
  • depressie
  • gedicht
  • jeugdzorg
  • personalia
  • recensie
  • suicide
  • verslaving

Zoeken in nieuws


Zoek

Contactgegevens

LET OP: GGZ Totaal is geen instelling voor behandeling of begeleiding. Neem daarvoor contact op met de eigen behandelaar of huisarts.
t: -
info@ggztotaal.nl

Deel deze pagina

Neem contact op


Op de hoogte blijven?


Vul uw emailadres in en ontvang gratis ons magazine!

 

 

Disclamer & privacy


Hoe gaan we met jouw gegevens om?

 

Het laatste nieuws


  • Rokende studenten hebben vaker mentale problemen

  • Meeste ggz-organisaties voldoen niet aan wettelijke plicht databeveiliging

  • Partijen positief over werkwijze uitstroom uit ggz in Noord-Holland

  • NIP: Tekort opleidingsplaatsen zet zorg onder druk

  • De Nederlandse ggz wil meer woonplekken voor mensen met psychische klachten

Zoeken


 

Social media


FacebookTwitterLinkedInInstagram

 

Weesperzijde 10-H   |   1091 EA Amsterdam   |  info@ggztotaal.nl   |   Webdesign PEW

Copyright 2026 - GGZ Totaal
Inloggen | Ziber Website | Design by PEW Grafisch ontwerpstudio